
afscheid
Hadden Adam en Eva in hun paradijs aanvankelijk meer dan genoeg aan elkaar, wij denken
toch wel een container te zullen vullen met al onze absoluut onmisbare spullen.
We hebben immers in ons nieuwe land ook weer een huis te vullen. Dus is het
handig al die leuke, aardige, nuttige dingen uit Nederland mee te nemen.
Een
bezoek aan een douaneagent in Costa Rica brengt ons echter in een klap tot de
werkelijkheid terug. Laten we nou net een van de weinige landen ter wereld
hebben uitgezocht die invoerbelasting heffen op gebruikte huisraad. Natuurlijk
mogen we die container met onze spullen laten komen. Maar dat betekent wel dat
er een aardig bedrag moet worden betaald om ze uiteindelijk bij ons nieuwe thuis
afgeleverd te krijgen. En het zou ook flink wat tijd in beslag nemen. Want de
douane zou per artikel moeten bepalen welk belastingtarief er op van toepassing
is. Voor het hout van de tafel geldt weer een ander percentage dan voor het
metaal van de poten. Mogelijk zou er zelfs het een en ander ‘zoekraken’ in
al de tijd die dit proces in beslag zou nemen.
Dat
doet de deur dicht. Niet dat we onmiddellijk van koers veranderen en een andere
bestemming zoeken. Daarvoor hebben we te veel verwachtingen van Costa Rica. Nee,
we besluiten radicaal niets mee te nemen. Weg bankstel, kast, bed, tafel. Maar
ook weg al die hebbedingetjes die je nou eenmaal verzamelt in de loop van een
half leven. Weg al die leuke herinneringen, in tastbare vorm dan.
Gelukkig
vinden veel spullen een goed tehuis. Een dochter van vrienden gaat samenwonen en
kan van alles en nog wat gebruiken. Toen we haar tijdens een bezoek aan
Nederland eens gingen opzoeken, was het hartverwarmend te horen dat ze iedere
dag aan ons dacht. Althans, steeds als ze een kastje in de keuken opendeed, kwam
daar wel iets van ons tevoorschijn.
Met
tranen in de ogen, elkaar omarmend, staan we voor onze grote boekenkast om
afscheid te nemen, de dag voordat een liefhebber onze boeken komt halen. Het is
natuurlijk weer voor de ‘heb’ om boeken te willen kopen. Je kunt ze immers
net zo goed uit de bibliotheek lezen. Maar het is gewoon lekker om een boek dat
je met plezier hebt gelezen, binnen handbereik in de boekenkast te hebben staan.
Om ernaar te kijken, het misschien nog eens vast te houden of in een
uitzonderingsgeval het nog eens te lezen. Want dat laatste is meestal niet de
reden om een boek te willen hebben. Uit is uit. Maar een boek krijgt een ziel,
door de moeite en de energie die de schrijver erin stopt, en de aandacht en het
plezier van de lezer. Nog afgezien van het feit dat ik gewoon verslaafd ben aan
de geur van drukinkt sinds mijn eerste bezoek lang geleden aan een grote
krantendrukkerij.
Inmiddels
weer een aardig gevulde boekenkast rijk kunnen we nog met weemoed terugdenken
aan de boeken die we hadden. Uiteraard zouden we ze voorlopig op hebben kunnen
slaan, zelfs bij familie of vrienden, maar die idee is gewoon niet bij ons
opgekomen. Alles moet weg. We mogen elk twee koffers vullen met de dingen die
ons het meest dierbaar zijn. Gelukkig hoeven er vanwege het fijne klimaat in ons
nieuwe thuisland niet veel kleren in. Maar dat mijn man per se z’n
gereedschapsdoos met hamer, nijptang, beitel, schroeven, enzovoort mee wil nemen,
werkt toch wel op m’n lachspieren. Afspraak is afspraak en ieder mag z’n
eigen koffers vullen, dus de gereedschapsdoos volgt ons nog steeds. En, ik moet
het toegeven, ieder stukje gereedschap dat erin zit, is ons op een of ander
moment goed van pas gekomen.
Naast
het leuke van alle voorbereidingen en de voorpret zijn er natuurlijk ook
moeilijke momenten. Het moment dat ik ontslag neem bijvoorbeeld. In de twintig
jaar dat ik actief ben in de journalistiek, heb ik een dijk van een carrière
opgebouwd. Niet dat ik daarnaar op zoek ben geweest. Mijn vader heeft me gewoon
geleerd hard te werken en m’n best te doen. En daar ben ik ver mee gekomen,
van leerling-journalist bij de krant tot manager internal communications bij een
wereldwijd opererend bedrijf met ruim zeventigduizend medewerkers.
Het
is wel even slikken als ik al die zekerheid en dat gegarandeerde inkomen zomaar
opgeef. Bij alle voorgaande overstappen had er steeds al een nieuw bureau
klaargestaan, voordat ik het oude voorgoed dicht deed.
Ingrijpend
is ook het moment van afscheid nemen, van familie, vrienden, buren. Allemaal
mensen die gewoon bij je dagelijkse leven horen, maar van wie je je ineens
realiseert hoe dierbaar ze je zijn op dat moment van afscheid nemen. Gelukkig
weet je ook dat dat afscheid niet definitief is. Toen mijn oom vlak na de Tweede
Wereldoorlog naar Canada vertrok, lag dat wel even anders. Al die emigranten
verdwenen toen min of meer voorgoed uit het leven van de achterblijvers. Fysiek
zeker. De enige vorm van communicatie waren brieven die er ongelooflijk lang
over deden om hun bestemming te bereiken. Van een goed contact was dus
nauwelijks sprake. Niemand kon op vakantie naar de verre familieleden en in hun
strijd om het bestaan kon er al helemaal geen geld af voor een bezoek aan
Nederland.
Wat
dat betreft zijn de huidige landverhuizers beter af. Niet alleen volgen ze via
internet alle ontwikkelingen in eigen land, ook hebben ze via e-mail in veel
gevallen een frequenter contact met de achterblijvers dan voorheen. En velen
gaan regelmatig even terug om familie en vrienden te bezoeken.
Eindelijk
trek je dan voor het laatst die huisdeur achter je dicht. Als je tenminste niet,
zoals ik, in de zenuwen van het definitieve vertrek iets binnen laat liggen en
dan nogmaals in een razend tempo die reis van en naar Schiphol moet maken om het
op te halen.
volgende