Op een van de smalste punten van het
Amerikaanse continent verbindt het Panama Kanaal de Atlantische en de Stille
Oceaan.
Aanvankelijk probeerden Fransen, onder leiding van Ferdinand de Lesseps –de
maker van het Suez Kanaal- een kanaal te graven aan het eind van de negentiende
eeuw. Deze poging mislukte door ziekte –malaria en gele koorts- en geldgebrek.
Meer dan twintigduizend mensen kwamen erbij om.
Toen in 1903 Panama een onafhankelijke natie werd, met steun van de Verenigde
Staten, kregen de Amerikanen de concessie. Op 15 augustus 1914 voer het eerste
schip door het Panama Kanaal.
Het kanaal en een strook van zo’n tien kilometer land aan weerszijden werd
Amerikaans grondgebied. De Amerikanen ontwikkelden er diverse legerbases en
vliegvelden en huisden er zo’n twintigduizend militairen.
Onder grote internationale druk kwam uiteindelijk in 1979 een verdrag tot stand
tussen de Amerikaanse president Jimmy Carter en de Panamese president Omar
Torrijos over de overdracht van het kanaal en de Kanaalzone aan Panama. Dat
gebeurde uiteindelijk op 31 december 1999.

Het Panama Kanaal is ongeveer
tachtig kilometer lang en telt drie sets sluizen, een aan de Atlantische kant en
twee aan de kant van de Stille Oceaan. Via deze sluizen moeten schepen een
hoogteverschil van 26 meter boven zeeniveau overwinnen om naar de andere oceaan
te kunnen komen. Het water stijgt en zakt in de sluizen met behulp van een
ingenieus systeem dat gebruik maakt van zwaartekracht. Er komt geen pomp aan te
pas.
Hoewel het kanaal twee oceanen met zout zeewater verbindt, is het water in het
kanaal zelf zoet water. Dit is mede van belang om het water van de beide oceanen
en daarmee het dieren- en plantenleven gescheiden te houden. Een grotendeels aangelegd
meer, Gatun, vervult de rol van bassin. Regenwater en water uit het
omliggende regenwoud wordt erin verzameld om vervolgens naar de sluizen te
vloeien. Per keer verbruikt een sluis bijna tweehonderd miljoen liter water.
De schepen varen op eigen kracht de sluizen in, maar speciale elektrische
locomotieven aan beide zijden van de sluis zorgen ervoor dat het schip op de
juiste positie in de sluis komt en blijft.
Jaarlijks varen zo’n twaalfduizend
schepen door het Panama Kanaal. Een schip doet ongeveer acht uur over de
doortocht. Met de wachttijd voor de ingang van het kanaal brengt ieder schip
zo’n 24 uur door in Panamese wateren. Het Panama Kanaal is de enige plek ter
wereld waar de kapitein z’n gezag over de boot overdraagt. Een loods voert het
schip door het kanaal en heeft het tijdens de doorvaart voor het zeggen.
Om door het Panama Kanaal te mogen varen moet tol worden betaald. De hoeveelheid
tol wordt bepaald aan de hand van de capaciteit van een schip. Het tolbedrag
ligt gemiddeld rond de 45.000 Amerikaanse dollars per doorvaart, maar kan
oplopen tot boven de tweehonderdduizend dollars. Die tol moet contant worden
afgerekend, voordat aan de doortocht kan worden begonnen. De laagste tol ooit
werd betaald door de Amerikaan Richard Halliburton die in 1928 zwemmend door het
kanaal ging. Hij betaalde 36 cent en deed er tien dagen over.
Om door het kanaal te kunnen zijn schepen
gebonden aan maximale afmetingen. De grootste toegestane maat heet in de
internationale scheepsbouw Panamax en heeft een lengte van bijna 295 meter en
een breedte van ruim 32 meter. Het schip mag zo’n twaalf meter diep liggen.
De grote containervervoerders willen echter met steeds grotere schepen werken.
Dan gaat het om de Post-Panamax schepen. Om ook die in de toekomst door het
Panama Kanaal te kunnen laten varen werkt de Panamese overheid aan een
ingrijpend uitbreidingsplan voor het kanaal. Een van de dilemma’s daarbij is
dat meer zoet water nodig is en een groter stroomgebied in beslag moet worden
genomen. Dat betekent dat een flink gebied aan de westkant van het kanaal onder
water zal komen te staan en de daar wonende mensen zullen moeten verhuizen. De
plannen zijn inmiddels in de ontwikkelingsfase. Om het megaproject dat vele
miljarden dollars gaat kosten, te kunnen uitvoeren zullen investeerders moeten
worden gevonden.
De brug “Puente de las Americas’ over
het Panama Kanaal bij Panama Stad is
lange tijd de enige vaste verbinding geweest tussen het westelijke en oostelijke
deel van Panama en dus tussen Noord- en Zuid-Amerika. In 2004 werd een tweede
brug geopend, “Puente Centenario’, om het steeds drukker wordende verkeer
naar Panama Stad vloeiender te laten verlopen.
Wie schepen door het kanaal en de sluizen
wil zien varen, kan daarvoor het beste terecht bij de Miraflores sluizen, de set
sluizen het dichtst bij de Stille Oceaan. Recent werd daar een bezoekerscentrum
geopend met een uitgebreide tentoonstelling over het kanaal en z’n
geschiedenis, terrassen die een prachtig uitzicht bieden op de sluizen, en een
restaurant.